De grens & de timing

Mijn leven met hersenletsel is óók ons leven. Wij, als gezin, wij met familie of vrienden. De afgelopen maanden waren soms roerig, daar zal ik in een latere blog meer over vertellen.

Vorige week, op zaterdagmorgen werd manlief gebeld dat hij nodig was op zijn werk. Ik raak dan in paniek, want de dingen lopen niet zoals ik het voor ogen had. Het onvoorzien, het onvoorspelbare, ik kan er erg slecht tegen sinds ik hersenletsel heb.

De kleine lag op bed en ik analyseer wat er nou daadwerkelijk gebeurt. Er komen weer langzaam seintjes en ik zit inmiddels wel in de oranje zone. Het feit dat ik vorige week mijn hele tas overhoop haal om mijn zonnebril te zoeken en deze zit gewoon op mijn hoofd, dat is een signaal. Net als ik mijn telefoon aan het zoeken ben en ik deze gewoon in mijn hand heb. Ook een signaal.

Ik gniffel er nu om, maar op dat moment kan ik er wel om janken. Dat gebeurt op dit moment. Tijd om weer meer bewust te zijn, meer mijn rust te pakken, meer aan anderen over te laten of het gewoon te laten liggen, mijn agenda nakijken en afspraken skippen. Dat laatste … is niet leuk, maar ik krijg er steeds meer rust mee, meer vrede.

De grens, de bewaakte grens die in mijn goede doen soms zo onbewaakt lijkt te zijn. Het onverwachte, de onvoorziene dingen en de dingen die je onzeker maken. Ik ben op tijd, ik hoop een goede timing, voor mij en mijn gezin. Hallo plaats, hallo pas, welkom terug, ik ga je weer rocken!

Wat doe jij als je over je grens gaat?

Mens, doe een rustig

Dat krijg ik te horen van mijn therapeut: “mens, doe eens rustig.” Ik heb het door, omdat ik stil word gezet, ik voel mijn tranen achter mijn ogen prikken en denk: “poeh dit was me weer een pittige week.” Juist …. juist omdat onze dochter weer ziek is geweest.

Ik heb de dagen wél kunnen laten, mezelf het simpeler kunnen maken, met haar naar buiten waar het kon, frisse lucht, kop leeg laten waaien en de boel, de boel te laten. Dus me erin kunnen berusten, afspraken afgezegd en er zijn, er zijn voor mijn dochter.

Nu, aan het einde van de week, merk ik dat ik paniek ga schieten. Er zijn natuurlijk dingen blijven liggen dus als een kip zonder kop loop ik door het huis. Wat heb ik uiteindelijk gedaan? Veel, teveel en doordat het overzicht volledig kwijt is, doe ik het niet op een tactische manier.

Ho, stop … ik grinnik in mezelf en spreek mezelf toe: “mens, doe een rustig, je was net zo lekker bezig.” Ik maak een grote kop koffie, een verwenbakkie met geschuimde melk erin. Ik ga zitten, ik schrijf en deel.

Ik lees het gedicht van Rumi nog eens rustig na. Het onrustige, het paniekerige gevoel, dat is er, maar moet ik er wat mee doen? Nee, zeg ik volmondig hardop. Er is nog een boel te leren, ik ben bewust, maar om het echt toe te passen lukt me soms. En dat soms …. is al beter als nooit

Ik wil het gedicht met jullie delen. Herken je, jezelf daarin? Ik ben benieuwd. Ik wens je een fijn weekend toe.

De herberg

Dit mens-zijn is een soort herberg elke ochtend weer een nieuw bezoek. Een vreugde, een depressie, een benauwdheid, een flits van inzicht komt als een onverwachte gast.

Verwelkom ze, ontvang ze allemaal gastvrij! Zelfs als er een menigte verdriet binnenstormt die met geweld je hele huisraad kort en klein slaat.

Behandel dan toch elke gast met eerbied, misschien komt hij de boel ontruimen voor extase…De donkere gedachte, de schaamte, het venijn, ontmoet ze bij de voordeur met een brede grijns en vraag ze om erbij te komen zitten.

Wees blij met iedereen die langskomt. De hemel heeft ze stuk voor stuk gestuurd om jou als raadgever te dienen.